Ethische principes voor wie streeft naar sociale verbetering

by Social Resistance

Christophe Calis moraalwetenschapper geeft een aanzet tot gesprek over de ethische principes voor wie streeft naar sociale verbetering. Eerste ethisch principe is praktijken van het vertegenwoordigen van anderen. Het tweede ethisch principe is alle alternatieve praktijken moeten ruimte krijgen en gepromoot worden.

Verandering, verbetering van onze situatie, willen we allemaal. ‘Change we can believe in’. Echter, alle gekende recepten voor het maken van onze samenleving blijken uitgewerkt. De ontgoochelingen stapelen zich op. Ook Obama, voor velen de laatste strohalm van hoop, blijkt niet opgewassen tegen de krachten van ontwaarding van het leven, met het treurige schouwspel van de « schuldendeal » als laatste dieptepunt.

De ontreddering is groot. We lijken in een tijd te leven van cynisme, angst, wanhoop en depressie. Mensen die zich constructief wensen op te stellen verenigen zich, vaak via sociale netwerken. Ze gaan op zoek naar nieuwe ideeën en programma’s voor concrete acties. De chaos en onenigheid is echter groot. Veel kloven lijken onoverbrugbaar. De enen zoeken naar radicale oplossingen, de andere naar nieuwe vormen van activisme en eigen inbreng, we slaan elkaar om de oren met ideologische rhetoriek. Daarom dreigt de kracht van het momentum te verzinken in de chaos van de onderlinge onenigheid.

Hier wil ik twee ethische principes naar voor schuiven waarvan ik geloof dat ze ons allen kunnen verenigen. Ze kunnen als een basis dienen voor ons sociaal verzet, ongeacht onze individuele ambities, intellectuele achtergrond, ideologische basis of methodes.

De twee ethische principes klinken als volgt :
1ste ethisch principe : Praktijken van het vertegenwoordigen van anderen – ofwel in wie ze zijn of wat ze willen – zouden, zoveel mogelijk, vermeden moeten worden.
2de ethisch principe : Alle alternatieve praktijken zouden ruimte moeten krijgen en zelfs gepromoot worden.

Ik zal deze twee stellingen hier kort toelichten.

1ste ethisch principe : Praktijken van het vertegenwoordigen van anderen – ofwel in wie ze zijn of wat ze willen – zouden, zoveel mogelijk, vermeden moeten worden, of het principe van de non-representatie.

Spreken in naam van anderen is fundamenteel onwaardig, tenzij er grondige redenen toe zijn. Mensen zouden moeten spreken voor zichzelf, of daarin zoveel als mogelijk toe aangemoedigd worden. Indien hen de middelen daartoe ontbreken dienen die zoveel als mogelijk aangereikt te worden. Onderwijs speelt hier een fundamentele rol in. Iedereen kan spreken voor zichzelf en niemand hoeft ongevraagd te spreken in naam van een ander.

Deze kritische houding tegenover representatie heeft natuurlijk zijn repercussies voor de representatieve democratie zoals we die nu kennen. Hoewel de representatieve democratie bij haar ontstaan een goed idee was, kunnen we moeilijk vasthouden aan het geloof dat ze in onze hoogtechnologische 21ste eeuw het summum van ons kunnen benadert.

Dit betekent niet dat er een wet dient te komen tegen praktijken van het vertegenwoordigen van anderen. Het gaat hier om een gedragsprincipe, een voorschrift voor actie, geen aanbeveling tot strafmaatregelen. Zich consequent scharen achter deze richtlijn, op gelijk welk niveau, geeft ons, naar ik geloof, wel een garantie voor echte diepgaande sociale verandering in de richting van democratischer-worden.

2de ethisch principe : Alle alternatieve praktijken zouden, allen gelijkwaardig, ruimte moeten krijgen en zelfs gepromoot worden. We kunnen dit ook het principe van de differentie noemen.

Mensen zijn creatieve wezens. We merken overal nieuwe sociale experimenten, soms bewust en doelgericht, soms voor het plezier, vaak uit pure noodzaak. In dit opzicht kunnen grootsteden benaderd worden als interessante samenlevingslaboratoria. Alle praktijken die, zelfgekozen of niet, afstappen van het traditionele representatiemodel, verdienen onze aandacht en aanmoediging. Of het nu gaat om nieuwe vormen van collectivisme of singuliere levens, elke praktijk heeft het recht om voor zichzelf te spreken. Belicht het anders-zijn, de alternatieve levensweg, geef een stem aan wie echt uitgesloten wordt uit de samenleving. Belicht het creatieve en het expressieve.

Wie zich engageert in micropolitieke strijd zal op natuurlijke wijze samenspannen met wie uitgebuit wordt. Ik geloof dat voor wie op straat wil manifesteren, een sociaal geëngageerd boek wil schrijven of een blog onderhouden, een grassroots-beweging wil vervoegen of opstarten, burgerlijke ongehoorzaam wil zijn, of kiezen voor radicale actie, deze twee ethische principes kunnen dienen als gemeenschappelijke leidraad.
Indien mijn stelling klopt, dan zijn deze twee ethische principes waar we ons allen kunnen achter scharen een belangrijke stap naar vereniging van krachten.

Ik zou graag van u, lezers, reacties sprokkelen. Op basis van tegenargumenten kan ik deze twee ethische principes verder onderzoeken, dit wil zeggen, hun nut, geldigheid en weerbaarheid testen.

Christophe Calis is columnist bij Social Resistance en moraalwetenschapper

http://christophecalis.wordpress.com/


Advertisements